top of page

Verkooprecht: wijziging op komst aan 10%-tarief voor landbouwgrond











In tegenstelling tot voorgaande jaren, zijn er dit najaar geen grote veranderingen op til in het Vlaams verkooprecht (“registratierechten”). Dat heeft het kabinet van Vlaams minister van Financiën Matthias Diependaele ons bevestigd. Twee kleinere aandachtspunten zijn wel:
De verlenging van de termijn voor de tolerantie van het causaal verband van twee naar drie jaar bij het 1%-tarief voor ingrijpende energetische renovatie & sloop/heropbouw
een verandering in de omschrijving van de landbouwgronden die in aanmerking komen voor het 10%-tarief
Definitie ‘landbouwgrond’ verandert Binnenkort zal het programmadecreet 2022 behandeld worden in het Vlaams Parlement. Dit decreet zal sleutelen aan de definitie van ‘landbouwgrond’. Landbouwgrond kan nog steeds aangekocht worden aan 10% en is dus niet onderhevig aan het standaardtarief van 12%. Dat geldt normaliter voor alle panden andere dan de gezinswoning, een beschermd monument of een woning verhuurd via een SVK. Landbouwgrond wordt vandaag als volgt gedefinieerd in de Vlaamse Codex Fiscaliteit: ‘het onroerend goed dat bestaat uit een of meer gronden die voor het landbouwbedrijf gebruikt worden of bestemd zijn, met uitsluiting van gebouwen en de grond waarop deze gebouwen zich bevinden’. Deze definitie blijkt echter aanleiding te geven tot oneigenlijk gebruik van het 10%-tarief. Onder meer in de situatie waarbij een perceel grond dat gelegen is in woongebied maar door een landbouwer wordt bewerkt, vervolgens wordt verkocht aan een koper die op het perceel één of meerdere woningen zal bouwen. De huidige definitie houdt immers ook rekening met de feitelijke toestand voorafgaand aan de verkoop en niet louter met de bestemming. Daar wordt nu een mouw aan gepast. Enkel kijken naar stedenbouwkundige bestemming De Vlaamse regering kiest ervoor om voortaan enkel te kijken naar de stedenbouwkundige bestemming. Zullen dus nog in aanmerking komen voor het 10%-tarief: (onbebouwde) gronden die stedenbouwkundig uitsluitend en volledig zijn bestemd voor landbouw of die uitsluitend en volledig zijn gelegen in de gebiedsaanduiding ‘landbouw’. Bijkomend argument dat de regering hiervoor aanvoert, is dat de stedenbouwkundige bestemming niet voor interpretatie vatbaar is. Het feitelijk gebruik als landbouwgrond kan daarentegen vaker in twijfel worden getrokken, met disputen tot gevolg tussen kopers en de fiscus. Via de nieuwe categorisering denkt VLABEL dat bij de registratie van de aankoopakte altijd onmiddellijk en zonder twijfel beoordeeld zal kunnen worden of hetzij het 10%-tarief, hetzij het 12%-tarief toegepast moet worden. Niet-onbelangrijk: de woorden ‘uitsluitend’ en ‘volledig’ zijn geenszins zonder betekenis. Zo zal het perceel geen enkele andere bestemming dan landbouw mogen hebben. Is er sprake van een dubbele stedenbouwkundige bestemming (bvb. landbouw en wonen), dan komt de aankoop niet in aanmerking voor het 10%-tarief en zal er 12% betaald moeten worden. ‘Volledig’ impliceert dat voor de toepassing van het 10%-tarief een opsplitsing zal moeten gebeuren. Het gunsttarief geldt dan enkel voor het opgesplitste deel dat uitsluitend en volledig bestemd is voor landbouw. Op het andere deel betaalt de koper 12%. Vanaf wanneer? Deze wijziging treedt in werking op 1 januari 2023. De CIB-studiedienst volgt vanzelfsprekend de verdere goedkeuringsprocedure op. We houden je strikt op de hoogte moest er alsnog iets veranderen.
Bron: CIB




1 weergave
bottom of page